Bij de Put: een vuilnisemmer in de woonkamer

Voor de oorlog kende Leeuwarden een levendige Joodse gemeenschap. Van de meer dan 700 Friese Joden overleefde maar 80% de Tweede Wereldoorlog.  Het pleintje Bij de Put was het centrum van de joodse wijk. De wijk strekte zich uit van de Nieuweburen, de Breedstraat, Sacramentsstraat, Slotmakerstraat tot aan de Speelmanstraat. Voor de Tweede Wereldoorlog waren er alleen al in de Speelmanstraat en de Nieuweburen een twintigtal koosjere en niet-koosjere slagerijen. Maar er woonden ook winkeliers in sigaren, een pettenwinkel, een brood- en banketbakker, een winkel in groente- en fruit,  een winkel met vis en een kunstgebittenmaker. Een en al bedrijvigheid . Maar er woonde ook een kappersbediende, een godsdienstleraar en een reiziger.

 

Aan het einde van de 20ste eeuw kennen we nog steeds de slagerijen van Damhuis en Zijlstra, de fietsenwinkel ‘De Komeet’ en het nog steeds bestaande Zalencentrum Schaaf. Maar de bedrijvigheid is in de eerste jaren van 21ste eeuw aanzienlijk terug gelopen. Er wordt nu overwegend  gewoond. Verschillende woningen zijn ingericht voor studenten en dat doet de buurt geen goed. Kamersbewoners hebben een ander gevoel van betrokkenheid bij de buurt.

Maar de rijke monumentale en cultuurhistorische waarden rondom Bij de Put zijn gebleven. Zo staat de uit de 13e eeuw daterende Grote- of Jacobijnerkerk op het driehoekig pleintje. De synagoge in de Sacramentstraat kwam in 1805 gereed en was ontworpen door de stadsarchitect Gerrit van der Wielen. De steen in de witgepleisterde voorgevel van Bij de Put 15 vermeldt het jaartal 1619. Hier zetelt de Loge van de Vrijmetselarij. Het voorname huis bevat veel oudere elementen.

Aan de joodse gemeenschap wordt ook herinnerd in het indrukwekkende Joodse Monument van de keramist Kees van Renssen. Aan het Jacobijnerkerkhof, tegenover dit kunstwerk, is de joodse school gesitueerd en in een muur opschrift is een gedenksteentje met de tekst ‘Het  kind is niet meer’ aangebracht. In het Slotmakersstraat is een gedenksteen met het hebreeuwse opschrift “…” (Heil U Israel 1781) aangebracht.

Nu is er een nieuw initiatief  genomen om de buurt op te waarderen. Een kunstwerk om de bedrijvigheid vanuit het verleden als uit het heden te markeren. Jong en oud met elkaar te verbinden en een relatie te leggen tussen alle monumenten en de ‘lieux de memoires’, de herinneringstekens.  Het is een werk van de beeldende kunstenaar Rene Knip op de plaats van de bestaande put en met de naam is: ‘De Wensput’. De opbouw van de put bestaat uit  beton en daarin zijn de woorden ‘Goeie schoure & Treifene schoure’ (‘goeie waar en rommel’) gespaard. Daarom heen staat een bankje met daarin de verschillende soorten van bedrijvigheid gestanst . De bronzen put heeft de tekst van de Vrijmetselaarsloge ‘Ken Uzelve’. Daarboven is een kinderrijmpje van de Leeuwarder dichter en schilder Anne Feddema gedrapeerd.

 

Inmiddels heeft de gemeente midden op Bij de Put en midden in het hart van de bewoners een ondergrondse huisvuilcontainer geplaatst.  Was het maar echt ondergronds. Het steekt er anderhalve meter boven het maaiveld uit! De historiserende lantaarnpaal staat er direct naast.  Het is onmogelijk om de kerk of het nieuwe kunstwerk te fotograferen zonder die combinatie van historiserende lantaarnpaal en huisvuilcontainer te zien.

Er wordt totaal geen recht gedaan aan de monumentale omgeving met de herinneringstekens aan de voormalige Joodse gemeenschap en de nog steeds daarbij behorende bedrijvigheid.

Het is alsof je voor altijd een vuinisemmer in de woonkamer zet.

Reacties zijn gesloten.